Na zijn debuut met 'Ex est enz.’ (1994) in kunstencentrum BELGIE wist theatermaker, perfomer en beeldend kunstenaar Kris Verdonck te verrassen met zijn 'Tutorial’ reeks, een opvallend staaltje vernieuwend theater dat niet onopgemerkt bleef. Deze presentatie van beeldende kunst en performance binnen een theatrale context vond in 2002 via kunstencentrum BELGIE, Het Net (Brugge) en Nadine (Brussel) uiteindelijk zijn weg naar de Antwerpse Singel (2003). De installatiereeks '5’(co-productie van de Beurschouwburg en kunstencentrum BELGIE en kunstenFESTIVALdesarts ) was een van de hoogtepunten van het afgelopen KunstenFestivaldesArts en is een ideale introductie voor de nieuwe creatie 'Catching Whales is Easy’.

'5’
concept: Kris Verdonck
Geluid: Aeronaudt Jacobs
Vijf ‘installaties/performances’ in het spanningsveld tussen dramatische en beeldende kunst vormen samen een verhaal over paniek en fragiliteit, mechaniek en leven. Het uitgangspunt is een klassieke theatrale handeling, die telkens tot het uiterste wordt gereduceerd. De fysieke mens is slechts gedeeltelijk aanwezig: onbewust (in slaap, in trance) of vertegenwoordigd door een machine, een geluid of een beeld. De betekenissen van het geheel, de ‘kern van het verhaal’, ontstaan pas door de vrije associaties van de toeschouwer.

'IN’:
Samuel Becketts 'Gezelschap’ en Rainald Goetzs 'Cataract’, twee bijzonder intimistische teksten van deze invloedrijke schrijvers, vormen de inspiratiebron voor 'IN’. De teksten handelen over de zinnelijkheid van een lichaam. De personages zijn op zoek naar een referentiepunt, bij de een ligt dit in het verleden bij de ander in het steeds wegglijdend heden. Bij Becket zou men kunnen vermoeden dat het personage in een doodskist ligt, bij Goetz is de oude man halfblind en bedlegerig. In een aquarium staat een actrice volledig stil. Geluiden als ademhaling en hartslag worden versterkt. De actrice raakt in een ogenschijnlijk comateuze toestand... ..
'DANCER#1’:
Hoe de afwezigheid van acteurs en de eenvoudige motoriek van een alledaagse slijpschijf kan leiden tot pure Griekse tragedie wordt duidelijk in 'Dancer#1’.
'HOW IT WORKS’:
Paradoxaal is het robotje één van de meest menselijke figuren in de voorstelling. Hij rijdt door het publiek, komt mensen bekijken en zendt beelden en klanken door. Heinrich von Kleists (1777-1811) 'Über das Marionettentheater’ en de steeds terugkerende Griekse tragedie vormen de inspiratiebron.

'CATCHING WHALES IS EASY’
concept: Kris Verdonck
met:
Geert Vaes / Chris Musgrave (http://www.auraloptic.org)
Heike Langsdorf / Antoine Desvigne
Kaya Kolodziejczyk / Kris Vleeshouwers


'catching whales...'is een onderzoek naar de mogelijkheden en gevolgen van interactie tussen lichaam en object.

De duidelijkste interactie tussen de mens en een object is de machine. De computer- en biotechnologie onthullen stilaan de grenzen van mogelijke interacties: dmv nanotechnologie kan een letterlijke vergroeiing van lichaam en object tot stand gebracht worden. En hieruit vloeien futuristische speculaties: klonen, implantaties, cyborgs.

Het object neemt hierin meer en meer plaats in, er ontstaat een spannende (gevaarlijke) relatie, waarbij het lichamelijk aanwezig zijn van de mens in het gedrang komt. Het lichaam verdwijnt in de interactie met de machine en de functie van het lichaam wordt, al dan niet virtueel, overgenomen door de machine. Mensen die het grootste gedeelte van hun tijd doorbrengen in virtuele ruimten, hebben vaak het gevoel daar te ‘zijn’, een gevoel van afwezigheid in de realiteit.

Catching Whales is easy:
Een theaterstuk bestaande uit drie monologen van 20 min. Er wordt met verschillende media gewerkt: beeld, klank, computersimulatie, robotica.

Driemaal gaat een beeldend kunstenaar de dialoog aan met een acteur. Ze gaan samen werken rond verschillende teksten met parallelle thema’s. De beeldende kunstenaars zijn specialisten in multi-media en interactieve installaties.

De acteurs zijn meer “performers” dan acteurs in de klassieke betekenis, ze hebben zowel ervaring met theater als met dans. Interactiviteit tussen de verschillende media is het sleutelwoord. De acteurs bevinden zich in een installatie; ze maken deel uit van een interactieve scenografie.

MONOLOOG 1
In de enscenering is de acteur een 'talking head’, een spreker die de tekst uiterst nauwkeurig zegt; de taal als het absolute instrument van de acteur. Maar tevens wordt hij het instrument, de speelbal ervan.

MONOLOOG 2
Een experiment waarbij de acteur een dialoog aangaat met een computer.

MONOLOOG 3
Een installatie waarbij de acteur door fysiek gevaar in een staat van onmacht geraakt.



 
 
 

DATA:
vr 26 en za 27 maart
AANVANG: 20u00

INKOM: EUR 7
(leden BELGIE) /
EUR 9

RESERVATIE
GEWENST!